Achtergrondinformatie - Amsterdam

Parool 02-01-2022 Coffeeshopketen Boerejongensweek dicht: reclame maken mocht niet

Alle vestigingen van Boerejongens, een van de grootste coffeeshopketens van Amsterdam, zijn komende week op last van de gemeente gesloten. Dat is de straf voor het maken van reclame, wat verboden is voor coffeeshops.

Boerejongens kreeg in augustus 2020 via een brief van de gemeente te horen dat de gedoogvoorwaarden waren overtreden. In januari vorig jaar volgde nieuw onderzoek, onder meer naar de websites die gelieerd zijn aan Boerejongens. Daaruit bleek dat de coffeeshopketen nog altijd reclame maakte.

Zowel op sociale media als op de website van Amsterdam Genetics, dat gelieerd is aan de keten (een bedrijf in cannabiszaad, waar ten minste twee van haar huurders van panden waar coffeeshops in gevestigd zijn, aan verbonden zijn). Ook vier andere Amsterdamse coffeeshops bleken samen te werken met Amsterdam Genetics.

Parool 05-11-2021 Opinie door Nick Ottens: 'Drugstoeristen liever in de coffeeshop dan op straat' 

De gemeente zegt drukte en overlast te willen bestrijden, maar dat het in en rond coffeeshops drukker is geworden is de gemeente zelf te verwijten. Die heeft coffeeshops buiten de binnenstad en in het zicht van scholen gesloten. Begin jaren negentig had Amsterdam nog 400 coffeeshops. Meer dan de helft is verdwenen. Criminologen van de UvA die in 2016, nota bene in opdracht van de gemeente, onderzoek deden naar de gevolgen van dit sluitingsbeleid, moesten vaststellen dat het in de overgebleven 166 coffeeshops drukker is geworden. Personeel kan minder goed controle houden. Omwonenden klagen over lawaai en wietlucht. Parkeerplaatsen staan constant vol. Toeristen staan buiten letterlijk in de rij. Het softdrugsgebruik is niet afgenomen, het is in een kleiner gebied geconcentreerd.

15-05-2021 Reflectie notitie Amsterdamse 'driehoek tegen drugscriminaliteit' 

In de Volkskrant van 15 mei 2021 verscheen een artikel van Tops en Tromp over de Amsterdamse drugsmarkt en de wens om de vraag naar softdrugs te verminderen. Het is een artikel met de achterliggende bedoeling om de voorgenomen beleidsvoorstellen van de Amsterdamse driehoek betreft het drugsbeleid een 'maatschappelijke bedding' te geven en om de publieke en politieke opinies hiervoor als het ware klaar te stomen.

Vrijdag 14 mei 2021 stuurde de burgemeester namelijk een brief met de notitie Driehoek tegen Drugscriminaliteit naar de gemeenteraad. Daarin vermeld de lopende en voorgenomen programma's om te voorkomen dat jongeren in de straatcriminaliteit belanden. Dit ter en in voorbereiding op een aangekondigde notitie die ziet op de invoering van het ingezetenencriterium en dat uberhaupt politiek mogelijk moet zien mogelijk te maken. Onder meer zal aandacht zijn voor de volgende aspecten:

A overleg met de coffeeshopbranche, (Ook over beperking ketenvorming).
B volksgezondheid,
C handhaving,
D communicatie,
E straathandel en
F het tijdpad

Ernst Zeeger van groen links gaf bij de raadsvergadering aan dat op 25 mei de expertsessie over straathandel als gevolg van het voornemen op de invoering van het I-criterium op de agenda staat. Het is dus allerminst een uitgemaakte zaak of de raad met het ingezetencriterium instemt, al onderkend de raad wel de overlast in de binnenstad, getuige ook de vele ingezonden raadsadressen over dit onderwerp. Dit in de wetenschap dat de burgemeester gezien haar bevoegdheid de wens van de raad in theorie ook naast zich neer zou kunnen leggen. 
Wel heeft de raad 29-04-2021 al ingestemd met een aantal onderzoeken naar de effecten van de straathandel als gevolg van een eventuele invoering van het ingezetenencriterium. Sofyan Mbarki van de PvdA wilde dat daarbij wel expliciet naar gemeenten werd gekeken die recentelijk juist van het I-criterium hebben afgezien zoals Vlissingen. Ook gaf de burgemeester in de commissievergadering aan de vraag aan de coffeeshopbond gesteld te hebben hoe zij de Amsterdamse coffeeshopmarkt zelf zouden willen inperken. 

De ambtelijke voorbereiding vanuit een ondermijnig-retoriek is echter al langer gaande, aangezien in opdracht van de burgemeester van Amsterdam Pieter Tops en Jan Tromp al eerder in november 2019 het rapport 'De achterkant van Amsterdam' schreven. "Dit om voor een breder publiek de ernst van de situatie inzichtelijk te maken" aldus burgemeester, politie en Openbaar Ministerie, 'en daarmee de maatschappelijke en politieke urgentie te versterken'. Deze politiek maatschappellijke urgentie is door de Coronapandemie dus wel periodiek tussen haakjes gezet.
Andersinds is daar geen (pseudo-onderzoeks) essay van Tops en Tromp voor nodig die niet voor niets veel kritiek op inhoud en methodiek kreeg. Ook een korte analyse (naast bijvoorbeeld docuserie Cannabis, geproduceerd door Robert Oey; echtgenoot van Halsema) had kunnen volstaan. Want namelijk de enige wezenlijke oplossing is gereguleerde legalisering (anders dan gereguleerd gedogen) en betreft de drukte door toerisme zou dan nietr eerder naar de prijs van budgetvluchten gekeken moeten worden?  

Al in de commissievergadering Algemene Zaken van 29-04-2021 (agendapunt 4) noemde Halsema een zorg dat de softdrugsmarkt besmet wordt met harddrugs. Dat riep bij mij en een aantal andere twitter-reacties op dat coffeeshops juist al van meet al aan succesvol de markten van hard en softdrugs scheiden. De burgemeester doelde hiermee op de achterkant (handel) en niet de voorkant (consumptie) van de coffeeshop. Eerder heeft de politiecommissaris al eens aangegeven dat er vermoedens zijn bij politie dat de internationale markt van softdrug en harddrugs verweven zijn. De driehoek schrijft dan ook in de notitie: 

"De softdrugsmarkt is stevig verankerd in onze stad en heeft deze onder invloed van grote toeristenstromen een enorme groei doorgemaakt. Van oudsher hebben het gedoogbeleid en de bijbehorende coffeeshops als doel om de markten van soft- en harddrugs te scheiden. Voor gebruikers heeft dat niet aan relevantie verloren: coffeeshops zijn nog altijd de plek waar je veilig cannabis kan kopen zonder te worden geconfronteerd met harddrugs. Voor de handel geldt dit echter minder, allereerst omdat de aanvoer naar de coffeeshops nog altijd illegaal is en daarmee kwetsbaar voor criminaliteit, en als tweede omdat met de handel op de overspannen Amsterdamse softdrugsmarkt telkens grotere bedragen zijn gemoeid. Daarmee dreigt ook de scheiding met de cocaïnehandel en het daaraan verbonden geweld te vervagen".

Deze veronderstelling van verweven hard en softdrugshandel is daarentegen nooit aan Amsterdamse coffeeshops voorgelegd.
De burgemeester beredeneerd vaker vanuit veronderstellingen; op 29-04-2021 was ze namelijk in de veronderstelling dat Amsterdam niet mee kon doen aan het landelijke wietexperiment vanwege het verplichte ingezetenencriterium en dat Amsterdam daarom niet mee kon doen. Het nieuwe (voltijds) D66 raadslid Rob Hofland corrigeerde haar en vertelde dat het I criterium alleen voor de grensgemeenten gold. "Ja ik geef je gelijk, maar dan nog was de Amsterdamse markt te groot om te kunnen reguleren' stelde ze. Helaas zonder daarbij aan te geven wat nu het verschil tussen groot en kleinschaligheid is.  

Voorsorteren
Echter lijkt de rederering op basis van veronderstellingen van de burgemeester ingegeven vanuit de politie dat de markt verkleint moet worden wel een onderbouwing te zijn voor toekomstig beleid. De burgemeester deed een opmerkelijke uitspraak bij de raadsvergadering, SP raadslid Erik Flentge merkte dit ook al terecht op (dd 29-04-2021): 'Met deze veronderstellingen bent u al aan het voorsorteren in een bepaalde richting' vond hij. De burgemeester vond echter dat ze vragen had die onderzocht moesten worden.

Flentge heeft gewoon een punt, gezien de Amsterdamse driehoek in de notitie schrijft: "De aanzuigende werking van de toegankelijke softdrugsmarkt op drugstoerisme in Amsterdam vergroot de grootschaligheid van de productie en de afzetmarkt verder. Koeriers leveren op verzoek een breed assortiment aan producten, soft- en harddrugs. De regelmatige aanslagen op coffeeshops illustreren ook dat het geweld, dat meer past bij cocaïnehandel, overslaat naar de softdrugsmarkt". Dat dit geweld met de tijdgeest van verharding en toegenomen tegenstellimgen te maken heeft is een even geldige veronderstelling. 

Versterking van de scheiding tussen de softdrugs- en de harddrugsmarkt kent twee elementen stelt de driehoek;
"1. Als eerste dient de Amsterdamse softdrugsmarkt kleinschaliger en beter beheersbaar te worden en zich meer te richten op de lokale gebruiker. Om de aantrekkingskracht van de Amsterdamse softdrugsmarkt op internationale drugstoeristen te verkleinen, wil de driehoek van Amsterdam het ingezetenencriterium gaan handhaven.
-Wat onder beter geheersbaar precies behelst wordt helaas niet verder uitgelegd in de notitie, ook niet wordt niet expliciet gemaakt wat klein of grootschaligheid met beheersbaarhgeid te maken heeft. Uit deze stapsgewijze benadering spreekt andersinds ook niet de urgentie die een essay en een zoveelste krantenartikel zou moeten legitimeren. Als het urgent is wil jen dat onmiddelijk en grondig aanpakken.

2. Als tweede is het reguleren van ‘de achterdeur’ onvermijdelijk om geweld en criminele inmenging te voorkomen. De driehoek wil in overleg met de landelijke overheid toewerken naar een geleidelijke regulering".
- Bij een gereguleerde markt kan nog steeds geweld niet worden uitgesloten, zoals inbraak en brandstichting (dit eerste is bij Bedrocan voorgekomen en bij Marcel de Wit's locatie in Rotterdam werd brand gesticht) 

Initiatiefwet
Deze geleidelijke regulering en door driehoek gewenste kleinschaligheid liggen echter niet in de lijn der verwachting 'in de chambre d'reflection' omdat naast het aangekondigde wietexperiment nu de D66 initiatiefwet gesloten coffeeshopketen voor ligt die voor D66 namens Joost Sneller zal worden besproken in de Senaat (met dank aan attendering door Hanneke van de Werf).
Dit wetsvoorstel voorziet in een landelijke regulering en de voorgestelde geleidelijke regulering voor de Amsterdamse softdrugsmarkt is daar duidelijk niet op afgestemd. Curieus dat dit wetsvoorstel door zowel Tops en Tromp als de lokale driehoek onbesproken blijft. Dit omdat het haaks lijkt te staan op de veronderstelling dat de softdrugsmarkt verkleint dient te worden (zowel aan voor als achterkant) om die te kunnen reguleren? Dit lijkt me eerder een politieke keuze binnen de lokale driehoek te zijn en niet een keuze die door de gemeenteraad is gemaakt. De koers voor een geleidelijke route zou wel eens een louter budgettaire reden kunnen hebben vvanuit handhaving gedacht immers schrijft de burgemeester in haar raadsbrief aan de raad: 

+ "De aanpak van drugscriminaliteit en ondermijning vraagt om langdurige commitment, continuïteit, ausdauer maar ook om structurele middelen en mensen". 
+ "Het versterken van de basisteams, en daarmee het blauw op straat, is voorwaardelijk in het verhinderen dat kwetsbare jongeren afglijden in drugsgerelateerde (zware) criminaliteit. De driehoek zal ten aanzien van het aanstaande regeerakkoord 2021, maar ook in het komend gemeentelijk coalitieakkoord 2022 en bij partners, aandacht blijven vragen voor structurele investeringen in de veiligheidsketen en structurele financiering van de aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit en ondermijning en de integrale RIEC-samenwerking, om de benodigde lange adem vol te kunnen houden". Maar wil die wens voor kleinschaligheid in deze analyse nav de notie driehoek tegen drugscriminaliteit nog wel even 'warm houden'...

Het scenario dat er binnenkort met meerderheid van stemmen voor de 'D66 wietwet' wordt gestemd en er desgevolgs voor jongeren zo mogelijk uit Nieuw West (bij kweeklocatie Havens Amsterdam) en ZuidOost (zoals bij kweeklocatie als leegstaande bedrijfshal) legale werkgelegenheid ontstaat in de softdrugs markt. Hierdoor hoeft deze kwetsbare groep niet hoeft af te glijden naar zware drugscriminaliteit. Dit zal vast ook geen deel uitmaken van een van de Amsterdamse beleidsdoelstellingen van het bieden van en vai programma Positief Perspectief aan jongeren uit Nieuw West en ZuidOost. Al zal een deel van de jongeren aangetrokken blijven tot het snelle geld van de cokehandel. De titel die Tops en Tromp noemen boven hun artikel is in dit geval relevant om te noemen; Gevecht gaat om van wie de drugsmarkt is. 

Corporate cannabis of de cannabis commons?
De vraag is aan welke organisaties wordt de gereguleerde Amsterdamse cannabismarkt gegund als de AMvB (Algemene Maatregel van Bestuur) wordt voorbereid? Is dat 'corporate cannabis' met grote commerciele marktpartijen die een monopolie nastreven en winstmaximalisatie of zijn dat non-profit stichtingen en cooperaties die sociale doelstellingen ten behoeve van milieu, maatschappij en samenleving nastreven (ook wel bekand als commons). En/of is het de overheid zelf die via een zelfstandig bestuursorgaan (zbo) de cannabismarkt aanstuurt en de voornaamste stakeholder is of een variant hiervan waarbij de overheid of gemeente meerderheids-aandeel krijgt zoals de gemeente Amsterdam ook aandeelhouder van Schiphol is.

De kleinschaligheid die de lokale driehoek graag zou zien kan zich via de wietwet vormen als gereguleerde partijen die maar een maximaal aantal planten per organisatie mogen kweken om monopolies en grootschaligheid kunnen voorkomen, was dat misschien de onderliggende wens achter de veronderstelling dat een kleinschaliger markt makkelijker te reguleren is?
-Blijft de vraag wat is groot en kleinschalig? Zijn de 60 coffeeshops voor louter de lokale markt na het I criterium die Halsema beoogd n.a.v de Intraval-analyse kleinschalig te noemen? Ben zeer benieuwd of deze kwestie van groot en kleinschaligheid wordt opgehelderd en welke voorwaarden aan de gunning voor gereguleerde wietteelt ten behoeve van Amsterdamse coffeeshops gesteld zouden worden, in het geval daar sprake mocht zijn.

Door: Hester Kooistra - humanisticus

 

Parool 25-07-2020 Barsten in het blowparadijs: steun groeit om toeristen te weren. 

Buitenlandse toeristen mogen coffeeshops nog bezoeken, maar de steun groeit om hen te weren via het ingezetenencriterium. Amsterdam wilde daar nooit aan, maar het kan schelen in de drukte. 

Burgemeester Paul Depla van Breda, waar het i-criterium ook goed werkt, zou het te prijzen vinden als Amsterdam stappen zet om de afzetmarkt van cannabisproducten kleiner te maken. “De voorkant is legaal, maar de achterdeur wordt gedomineerd door criminele organisaties en Amsterdam maakt mogelijk dat zij enorme winsten maken met verkoop aan toeristen.”

Depla adviseert om te kijken of de invoering van een i-criterium te combineren is met het experiment legale cannabisteelt. “Je zou een regeling kunnen bedenken waarbij coffeeshops die legaal geproduceerde cannabis inkopen, nog wat langer open mogen blijven voor toeristen. Het wordt hoe dan ook een proces van lange adem, want Amsterdam is een enorme afzetmarkt die criminelen niet zonder slag of stoot zullen opgeven.”

Parool 11-04-2019 Wietproef is definitief onhaalbaar voor Amsterdam

"De wietproef gaat definitief aan Amsterdam voorbij. Het Rijk houdt vast aan de eis dat alle coffeeshops binnen de gemeentegrenzen mee moeten doen aan zo'n experiment, en dat is onhaalbaar in de hoofdstad."

Parool 02-10-2019 Halsema vraagt om aanpassingen in proef wietteelt

"Burgemeester Femke Halsema heeft geen vertrouwen in het landelijke experiment van gereguleerde wietteelt. Deelname van Amsterdam zou praktisch niet uitvoerbaar zijn."

Brief Femke Halsema, bm Amsterdam, aan Ministers over voorwaarden experiment, 01-11-2018 

  1. "Geen verplichte deelname van alle coffeeshops in een experimentgemeente tijdens een overgangsperiode. Verplichte deelname van alle coffeeshops is voor de gemeente Amsterdam problematisch aangezien de gevolgen hiervan niet te overzien zijn. Een situatie waarin een deel van de coffeeshops op de 'oude voet' verder gaat en waarin een deel van de coffeeshops gereguleerde cannabis verkoopt, is handhaafbaar en beheersbaar.
  2. Alle coffeeshops nemen deel, maar zij verkopen tijdens een overgangsperiode naast het huidige aanbod cannabis (incl. buitenlandse hasj) de door de aangewezen kwekers gekweekte gereguleerde cannabis. Deze overgang is noodzakelijk omdat niet alle coffeeshops van het ene op het andere moment kunnen overstappen op het gereguleerde aanbod. Het is niet denkbeeldig dat op dat moment problemen met de achterdeur zullen ontstaan. Daarbij komt dat regulering middels een gesloten coffeeshopketen ingrijpt in een marktsituatie. Deze markt van de ene op de andere dag overnemen is niet realistisch. Een overgangstermijn komt aan deze bezwaren tegemoet.
  3. Als randvoorwaarde moet het gereguleerde aanbod in ieder geval zeer gevarieerd zijn met een keuzemogelijkheid die aansluit bij de behoefte van de klanten van de verschillende coffeeshops.
  4. De nieuwe optie die ik u — namens de gemeenteraad van Amsterdam — in overweging wil geven, is om de burgemeester de bevoegdheid te geven om een specifiek stadsdeel aan te wijzen voor deelname aan het experiment. Ook deze optie komt tegemoet aan de wens het experiment beheersbaar te houden"

Brief Ahmed Aboutaleb, bm Rotterdam, en Femke Halsema, bm Amsterdam 21-12-2018 aan Tweede Kamer der Staten-Generaal t.a.v. de Vaste Kamercommissie voor Justitie en Veiligheid (Afschrift: verzonden aan de Minister voor Medische Zorg en Sport, dhr. Bruins en de Minister van Justitie en Veiligheid, dhr. Grapperhaus) 

"Verzoek aan ministers

In de eerdere brieven van de burgemeesters van Rotterdam en Amsterdam is verzocht de voorwaarden zoals deze in de kabinetsreactie op het advies van de Commissie Knottnerus zijn verwoord, in de concept-Algemene Maatregel van Bestuur zodanig aan te passen dat deelname door (één van) de grote steden mogelijk wordt.

Wij hebben de ministers verzocht de voorwaarden van het experiment aan te passen:
het mogelijk maken van deelname van een deel van de coffeeshops in een gemeente (Amsterdam), danwel exclusieve deelname van nieuw op te zetten coffeeshops (Rotterdam);
het introduceren van een overgangstermijn met betrekking tot de verkoop van illegaal geweekte wiet naar legaal geweekte wiet. 
 
Voorts is de eindigheid van het experiment problematisch voor de deelnemende coffeeshops. Als na de evaluatie van het experiment niet wordt overgegaan tot het omzetten van de experimenteerwet naar algemeen geldende wetgeving is het zeer de vraag of de coffeeshops weer terug kunnen naar de illegaliteit. Hiervoor wordt nadrukkelijk een oplossing gevraagd. 
 

Verzoek om wijziging voorwaarden

Wij vinden het belangrijk om uw Kamer deelgenoot te maken van de argumentatie voor het verzoek tot het wijzigen van de voorwaarden om onze deelname mogelijk te maken. In de AMvB is opgenomen dat alle coffeeshops in een deelnemende gemeente aan het experiment moeten meedoen. De reden die de ministers hiervoor aandragen, is dat meerdere toezicht- en handhavingsregimes binnen één gemeente onwenselijk zijn. Wij zijn echter van mening dat het zeer goed mogelijk is om binnen de gemeentegrenzen coffeeshops te hebben die wel en die niet meedoen, zoals bijvoorbeeld Rotterdam binnen het experiment uitsluitend met nieuw op te zetten coffeeshops ervaring op wil doen en Amsterdam met alle coffeeshops in een stadsdeel wil deelnemen."

logo button

Stichting Maatschappij en Cannabis
Redactie: Gerrit Jan ten Bloemendal, Jeroen Bos en Lisa Lankes
Redactionele bijdragen: Mauro Picavet
Fotografie: Gerrit Jan ten Bloemendal
contact mailadres

elke stem telt 600