Hoofd Menu

Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD)

Artikelindex

Op 1 en 14 februari 2017 is in de Tweede Kamer de initiatiefwet (*) "Gesloten coffeeshopketen" van D66 besproken.Deze wet moet ervoor zorgen dat er mogelijkheden komen om "gedoogd" cannabis te telen. Tijdens het debat op 1 en 14 februari 2017 zijn er drie amendementen (**) en zeven moties (***) aangekondigd en ingediend.(Meer weten!?)

De stemming in de Tweede Kamer over de wet was hoofdelijk in plaats van bij hand opsteken. De volgende fracties stemden voor de Initiatiefwet: 77 voor, te weten PvdA, SP, D66, GroenLinks, Groep Kuzu/Öztürk (DENK), PvdD, Groep Bontes/Van Klaveren (VNL), Van Vliet, 50 Plus, Klein (Vrijzinnige Partij), Houwers, en Monasch (Nieuwe Wegen) en 72 stemmen tegen (SGP, VVD, CDA, ChristenUnie en PVV)

Namens de VVD voerde de heer Van Oosten het woord. De meest opmerkelijke uitspraken plaatsen we hierna:

  • Geen ouder wordt blij als zoon of dochter de hele dag stoned voor zich uit staart op de bank. Er is geen buurman die enthousiast wordt als verderop in de straat een hennepplantage blijkt te zitten en wordt opgerold. Geen raadslid, zo is mijn overtuiging, zit te wachten op een stortvloed aan drugstoeristen die geen enkele bijdrage leveren aan het imago van de gemeente. Tegelijkertijd sluit, volgens mij, niemand in Nederland de ogen voor de realiteit: noch die ouder, noch die buurman, noch dat raadslid. Het gebruik van softdrugs heeft in Nederland een positie ingenomen en valt niet meer weg te krijgen. Niet uit te sluiten valt zelfs dat menig ouder weleens een blowtje heeft gerookt, dat de buurman misschien weleens een wietplantje heeft gekweekt op zijn vensterbank en dat dat raadslid, of misschien zelfs dat Kamerlid, lid blijkt te zijn van een liberale partij die vindt dat het aan het individu is om te bepalen wat goed voor hem of haar is, en niet aan de overheid.

  • Maar zeker het gezelschap in deze zaal en in de cirkel daaromheen, zoals de actieve twitteraars die mij regelmatig bestoken met hun mening over het cannabisbeleid, is het niet ontgaan dat bij het laatste partijcongres van de VVD tamelijk uitvoerig is gesproken over het softdrugsbeleid en de wijze waarop daarmee om moet worden gegaan. Dat heeft geleid tot de tekst in ons verkiezingsprogramma, waaruit volgt dat de VVD het noodzakelijk vindt het softdrugsbeleid slimmer te reguleren. Daarmee — laat ik daar maar duidelijk in zijn — wordt niet alleen het reguleren of het regelen van de inkoop van cannabis bedoeld, maar ook de wereld daaromheen. De VVD vindt dat er ook aandacht moet zijn voor de effecten op de aanpak van de georganiseerde criminaliteit, het voorkomen van openbareordeproblematiek en overlast, de internationale dimensie van het wijzigen van het softdrugsbeleid en de effecten voor de volksgezondheid.

  • Alles overziende en alle stukken bestudeerd hebbende ben ik niet van mening dat het voorliggende wetsvoorstel op al die punten voldoende geruststelt. Ook de Raad van State stelt met zoveel woorden dat het wetsvoorstel daarin eigenlijk — zo leg ik dat uit — niet overtuigt.

  • Om te beginnen noem ik de georganiseerde misdaad en criminele samenwerkingsverbanden. Die spelen nu eenmaal een belangrijke rol in de wereld van de wietteelt. Zij bieden zelfstandige telers en exploitanten door hun toegang tot dealers in het buitenland een ruime afzetmarkt. Op geen enkele wijze licht D66 toe hoe het wetsvoorstel een bijdrage kan leveren aan de aanpak van deze bendes.

  • Wat betreft de veiligheid valt, volgens de VVD, te betwijfelen of het wetsvoorstel iets toevoegt aan het terugdringen van de risico's van hennepbranden, wateroverlast, verloedering en het illegaal aftappen van stroom. Ik zie deze teelt niet verminderen. Integendeel zelfs: doordat de coffeeshops, naar ik mag aannemen, alleen geïnteresseerd zijn in cannabis van goede kwaliteit en zij dus van de teler allerlei investeringen verlangen om de kwaliteit te waarborgen, zal de straathandel zomaar eens behoorlijk kunnen toenemen. De cannabis kan daar dan immers veel goedkoper worden gekocht.

  • Dan de niet afgezette cannabisoogst. Initiatiefneemster zegt: ja, de teler kan dan niets anders doen dan wachten tot hij die wel kan verkopen aan een gedoogde coffeeshop, of hem vernietigen. Wie controleert dat? Op welke wijze wordt dat gecontroleerd? Hoeveel politiecapaciteit gaat daarin zitten of andere vormen van handhaving?

  • Telers met een gedoogbesluit, zo stelt initiatiefneemster, krijgen geen ruimte meer om tevens te produceren voor andere doeleinden; denk aan de export. Hoe verhoudt zich dit tot het eerder gestelde dat telers een overschot kunnen produceren?

  • Ik lees (red. verkiezingsprogramma VVD) heel stevig daarin dat de VVD staat voor slimmer reguleren. Dat moet je heel verantwoord doen. Dan heb je over een heleboel randvoorwaarden na te denken en daar goed onderzoek naar te doen. Ik stel gewoon maar vast dat dit voorstel daar niet aan voldoet.

  • Ik beoordeel een wetsvoorstel van de initiatiefneemster. Dat leg ik langs de lat van mijn visie op het slimmer reguleren. Ik stel vast dat het niet voldoet op met name het punt van — die opvatting delen we blijkbaar — het aanpakken van de criminaliteit et cetera. Dan moet je het zo ook niet willen.

  • Ik vind het niet verstandig als wij hier met een Kamermeerderheid een wetsvoorstel gaan aannemen dat de georganiseerde criminaliteit alleen maar zou versterken, dat de straathandel vergroot en dat niks doet aan het voorkomen van de export van de wietteelt. Met andere woorden: dit wetsvoorstel zet daar helemaal geen stap in. Dan moet je dit toch niet zo willen?

  • In haar voorstel geeft de minister van VWS een zogenaamd gedoogbesluit af voor de teelt van de maximale hoeveelheid hennep die nodig zou zijn voor de exploitatie van een coffeeshop. De minister laat zich daarbij informeren door de burgemeester, die een inschatting moet maken van de hoeveelheid cannabis die nodig is. Los van de vraag of tot het takenpakket van de burgemeester zou moeten worden gerekend wat de gewenste handelsvoorraad van een coffeeshop is, is de vraag wie nu eigenlijk belast is met het toezicht op de vernietiging van het meerdere dat wordt geteeld. In hoeverre mogen burgemeesters bij het bepalen van de handelsvoorraad, ook rekening houden met afname door toeristen? Staat dat niet op gespannen voet met de stelling van de initiatiefneemster dat het ingezetenencriterium niet in gevaar komt met het voorstel? Ook hoor ik graag van de staatssecretaris van VWS hoe hij aankijkt tegen de door mevrouw Bergkamp gecreëerde rol voor de minister waar het gaat om het inkoopbeleid van de coffeeshops.

  • Voor de duidelijkheid: de VVD is geen tegenstander van coffeeshops; die zijn er en die blijven bestaan. Hinder en overlast voor de omgeving moeten hard worden bestreden. Het voorliggende wetsvoorstel draagt daar mijns inziens onvoldoende aan bij. De export wordt niet aangepakt. De straathandel gaat potentieel floreren. Woningbranden, verloedering en illegale stroomaftap blijven onverminderd aan de orde van de dag of dreigen zelfs te verergeren. En geen misverstand: ook de VVD wil van die vreemde situatie af dat verkoop wordt gedoogd en inkoop illegaal is. De VVD weigert echter afbreuk te doen aan een aantal andere randvoorwaarden. Je kunt niet capituleren voor de georganiseerde criminaliteit. Wij wensen dat in het nieuwe beleid die criminaliteit nog harder kan worden bestreden. Wij willen en accepteren niet dat onze grensregio's worden overspoeld met drugstoerisme. Wij willen niet dat een grotere groep jongeren ernstige gezondheidsrisico's loopt. Dit vereist veel meer onderzoek naar de gevolgen van regulering en de uitwerking van scenario's. Het spijt me, maar dit voorstel is in mijn ogen toch echt net iets te gemakkelijk, het wil net iets te snel en het negeert de aanzienlijke risico's.

  • Ons verkiezingsprogramma is niet geheim. Het is openbaar. Iedereen kan het lezen. De VVD is gelijktijdig niet zo naïef als het CDA blijkbaar is. Het CDA zegt: weet je wat, we doen net alsof het niet bestaat en schaffen het geheel af.

  • Als je namelijk iets gaat afspreken, moet je het ook kunnen handhaven en daarover gaan de zorgen van de politie. De politie zegt in de brief: "Dit is een voor de politie zeer onwenselijke situatie, want het zal leiden tot grote regionale verschillen en mogelijk ook tot een ondermijning van de legitimiteit van het overheidsoptreden."

  • Ik begrijp niet zo goed waarom het voor mevrouw Bergkamp zo lastig is om een keuze te maken. Je kunt zeggen dat iets wordt vernietigd. Er wordt namelijk bepaald hoeveel er geteeld mag worden. Als je dan te weinig teelt, heb je pech. Dan heb je immers te weinig geteeld. Als je te veel hebt geteeld, heb je te veel geteeld. Wat is er dan makkelijker dan zeggen: dat vernietigen we? Als je het overhoudt — daar zit namelijk mijn vervolgvraag en ook wel mijn zorg — moet je wel degelijk gaan controleren wat ermee gebeurt. Komt dat inderdaad terecht bij een reguliere coffeeshop of verdwijnt dat toch niet ineens in de illegale straathandel of op welk illegaal pad dan ook? Dat wil ik namelijk niet. Daar moeten we dan op gaan handhaven en gaan controleren. Volgens mij zijn de kosten daarvan veel hoger dan als het gewoon wordt vernietigd.

  • Mijn vraag vraag is vooral hoe nu wordt gecontroleerd of dat te veel geteelde werkelijk niet die verkeerde, illegale bestemming bereikt. Daar zit ook politiecapaciteit op dan wel capaciteit van ambtenaren van gemeenten of weet ik welke overheidsinstantie ook. Die moeten dat gaan controleren en er toezicht op houden. Die doen dat niet voor niets. Die kosten geld. Dan maak ik weer dat bruggetje naar een ander kopje, namelijk de financiële paragraaf.

  • Ja, maar dan spreekt mevrouw Bergkamp zich dus niet uit over de vraag wat te doen als een crimineel zich nu zou gaan aanmelden om op basis van haar voorstel te gaan telen, om bezig te gaan met gereguleerd telen, met gereguleerd gedoogtelen of hoe je het ook noemt. Mij gaat het erom dat ik liever geen verwevenheid met de georganiseerde criminaliteit wil hebben, die anders misschien wel ontstaat. Ik vraag mevrouw Bergkamp dus eigenlijk om zich heel expliciet uit te spreken en om te zeggen: er is in mijn voorstel geen plaats voor criminelen.

  • Het kan nauwelijks een verrassing zijn, omdat ik het in mijn eerste termijn al heb aangegeven, maar mijn partij heeft heel grote zorgen over de inhoud. Ik heb een heleboel risico's vastgesteld bij dit wetsvoorstel, die niet zijn weggenomen. Sterker nog, als ik dan lees in de brief die we vanavond konden inzien, dat de positie van het Openbaar Ministerie wordt verzwakt, terwijl de export blijft bestaan en de straathandel en de woningbranden niet significant afnemen dan kan ik mijn fractie niet adviseren voor dit wetsvoorstel te stemmen.

Lees het complete verslag van 1 februari 2017

Kijk naar het debat op debat gemist 1 februari 2017

Lees het complete verslag van 14 februari 2017 februari 2017

Kijk naar het debat op debat gemist 14 februari 2017

Link naar de amendementen in het voorstel en de moties van 21 februari 2017


Link naar stemmingsuitslagen van 21 februari 2017:

Stemmingen over de amendementen en het voorstel

Stemmingen over de Moties.

Conclusie:De VVD heeft om uiteenlopende redenen tegen het voorstel gestemd. Wij vragen ons af wat de VVD zal gaan doen met het slimmer reguleren. We hebben ook in dit debat niet gehoord wat ze precies bedoelen met "Slimmer reguleren". Kortom wij zien de VVD als niet erg groen.

(*)    Een initiatiefwet is een wetsvoorstel van een kamerlid.
(**)   Een amendement is een (voorgestelde) wijziging van het voorliggende voorstel. 
(***)  Een motie is een opdracht/ verzoek aan het kabinet. Het voorliggende voorstel wijzigt door een motie niet.