Hoofd Menu

Coffeeshopbeleid Utrecht

Gemeente Utrecht (zonder datum) Coffeeshop, gedoogverklaring aanvragen

"Wilt u een coffeeshop beginnen voor de verkoop en het gebruik van softdrugs? Dan hebt u een gedoogverklaring nodig.

Wachtlijst

De gemeente Utrecht geeft maximaal 17 gedoogverklaringen uit. Op dit moment zijn er geen gedoogverklaringen vrij. Daarom is er een wachtlijst."


 rib 13 06 2019

Utrechts dossier experiment met gesloten een coffeeshopketen 


 

RTV Utrecht 01-02-2019 Ondernemers bedrijventerrein Overvecht tegen komst coffeeshop: "We staan echt niet te popelen" 

"Ondernemers op bedrijventerrein Overvecht in Utrecht verzetten zich tegen de komst van een coffeeshop in het gebied. Gisteren was er een algemeen overleg tussen de ondernemersvereniging en de politie over de veiligheid op de autoboulevard. Daar ging het ook over de eventuele komst van de coffeeshop. Rogier Bos van de ondernemersvereniging verzet zich daartegen: "Hier staan we echt niet om te popelen." 


 

DUIC 31-01-2019 Raadsbrede zorgen over komst coffeeshop bedrijventerrein Overvecht

"De gemeenteraad in Utrecht is het niet eens met de plannen voor een coffeeshop op bedrijventerrein Overvecht. Volgens de politici is het maar de vraag of dit een goede plek is. Er worden daarom donderdag mondelinge vragen gesteld."


 

AD 20-12-2017 Minister staat Utrechts experiment met wietclub niet toe 

"De Utrechtse plannen om in clubverband en onder toezicht van de gemeente of overheid cannabis te kweken, lijken definitief van de baan. CDA-minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) staat deze zogenaamde stichting Social Cannabis Club niet toe".


 

DUIC 04-12-2017 Utrecht volgens Jan van Piekeren: ‘Laten we het experiment aangaan’

Jan van Piekeren

Fotocredit: E. Bruin

"Waar haal je je jointjes?

“Soms op de wietboot, soms bij Bordeaux Rood (tegenwoordig ‘Pleasure’ geheten, red.), maar de fijnste plek om te zitten is toch wel ’t Grasje. Eén keer per week ga ik daarheen om met de veertig plus-tafel de week door te nemen. Een divers pluimage, heel verschillende mensen. Iemand neemt kopietjes mee van het cryptogram uit de NRC en dan gaan we daar samen op los. Uit die situaties haal ik ook mijn inspiratie, de coffeeshopcultuur, door er mensen met diverse achtergronden te ontmoeten.” 


 

Gemeente Utrecht 08-11-2017 Utrecht klaar voor experiment cannabisteelt

Utrecht wil zo snel mogelijk experimenteren met gedoogde teelt van cannabis. Hiervoor is al jaren geleden de stichting social cannabis club opgericht, een particulier initiatief met ondersteuning van de gemeente.


 

Motie "de wiethouder wint", ook in AD 12-10-2017

Motie 162/2017

De gemeenteraad bijeen op 12 oktober 2017,

Constaterende dat:

Het nieuwe regeerakkoord van VVD, CDA, D66 en CU “Vertrouwen in de toekomst” ruimte biedt om te experimenteren met wietteelt gereguleerd door de overheid;
De VNG zich met haar rapport "Het failliet van het gedogen" in 2015 ook uitsprak voor een gereguleerde cannabisketen;

Ook constaterende dat:

Illegale wietteelt en het niet regelen van de ‘achterdeur’ leidt tot criminaliteit;
Een te hoog THC- gehalte de volksgezondheid in gevaar brengt;
De illegale wietteelt in huizen leidt tot brandgevaar en dus omwonenden in gevaar brengt;

Overwegende dat:

Het gedoogbeleid al geruime tijd achterhaald is en dit experiment ruimte biedt voor het uitproberen van nieuw beleid op de verkoop en teelt van wiet;
De gemeente Utrecht al lange tijd poogt om via een wiet-experiment te komen tot een vorm van gereguleerde wietteelt;
Legale wietteelt kan leiden tot minder georganiseerde criminaliteit en overlast voor coffeeshops en woonwijken. De capaciteit van de politie hierdoor beter en anders kan worden ingezet;

Draagt het college op om:

De gemeente Utrecht zo snel mogelijk aan te melden om mee te doen met als deelnemer aan de wiet-experimenten;
De opzet voor het experiment aan de raad voor te leggen en de raad op gezette momenten te informeren over de voortgang van de aanvraag;
Een actieve bijdrage te leveren aan het vormgeven van het juridisch kader dat als grondslag zal dienen voor de experimenten en de criteria waarop het experiment zal worden getoetst.

En gaat over tot de orde van de dag;

Klaas Verschuure, D66
Eva van Esch, Partij voor de Dieren
Steven de Vries, GroenLinks
Bülent Isik, PvdA
Nicole van Gemert, SP
Reinhild Freytag, Student & Starter

Status
Aangenomen
Voor
PvdD, D66, GL, SP, PvdA, S&S, VVD
Tegen
CDA, SBU, CU


 

Minder overlast door beperking openingstijden Amsterdamse straatweg. Utrecht nieuws 11-05-2017

"Dienstverleners op het middenstuk van de Amsterdamsestraatweg moesten sluiten tussen 22.00 en 0.600 uur en de horeca tussen 02.00 en 06.00 uur op vrijdag en zaterdag en tussen 01.00 en 06.00 uur op de andere dagen.

Ook het besluit om geen nieuwe vestigingen van coffeeshops op een deel van de Amsterdamse straatweg te openen blijft gehandhaafd."


 

 

gemeenteblad Utrecht

Beleidsregels over het in behandeling nemen van aanvragen om medewerking aan het vestigen van een coffeeshop gemeente Utrecht 2017 09-02-2017

Aanvragen om medewerking voor de vestiging van een coffeeshop in Utrecht worden getoetst aan delandelijke richtlijn voor het gedoogbeleid en het lokale beleid voor coffeeshops. Het lokale beleid luidtals volgt:

1. Het maximum aantal te gedogen coffeeshops is 17, inclusief 4 reserveringen:
-1 voor het experiment “social cannabisclub”
-1 voor de pilot coffeeshop aan de rand van de stad, voor het initiatief "de binnenstad voorbij"
-2 voor initiatieven buiten de woonwijken, op bedrijventerreinen langs doorgaande wegen.
2. Binnen de singels geldt een afstandscriterium van 250 meter tussen coffeeshops. Buiten de singels,in de woonwijken, geldt een afstandscriterium tussen coffeeshops van 350 meter. Geen afstandscrite-rium wordt gehanteerd tussen coffeeshops aan de rand van de stad, buiten de woonwijken.
3. Tussen een coffeeshop en een school voor voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijsgeldt een afstandscriterium van 250 meter.
4. Voor een locatie waar een coffeeshop als gevolg van handhavend optreden is gesloten, wordt paseen nieuwe aanvraag voor een coffeeshop in behandeling genomen nadat de sluitingstermijn van hetpand is verlopen.
5. Geen coffeeshop wordt gedoogd in een straat dan wel een duidelijk herkenbaar afzonderlijk gedeeltedaarvan, waaraan bebouwing ligt die in hoofdzaak dient voor bewoning
6. Bovenstaande vestigingscriteria worden toegepast bij de beoordeling van nieuwe vestigingen,waarbij een overname van een bestaande coffeeshop als een nieuwe vestiging wordt beschouwd.
6a. In afwijking van het bepaalde onder 6 wordt bij een overname van een coffeeshop die ten tijde vanhet vastleggen van het lokale coffeeshopbeleid in 2003 (“notitie softdrugsbeleid gemeente Utrecht”)werd gedoogd, niet getoetst op de beleidsregels genoemd onder 2, 3 en 5, mits de betreffende coffeeshopop dezelfde locatie wordt voortgezet en in omvang niet toeneemt.
7. Een aanvraag dient de voor een horeca-aanvraag gebruikelijke informatie te bevatten zoals beschrevenin de Horecaverordening. In het bij te voegen huurcontract moet duidelijk blijken dat de pandeigenaarakkoord gaat met vestiging van een coffeeshop.
8. Aan de voor een coffeeshop te verlenen horeca-exploitatievergunning en gedoogverklaring wordenvoorwaarden verbonden, die toezien op het omgevingsbeheer en op medewerking aan het verstrekkenvan informatie over risico's aan de gebruiker van softdrugs.
9. Het Ingezetenencriterium, als onderdeel van de landelijke gedoogcriteria (AHOJGI), zal worden vermeldin de Utrechtse handhavingsstrategie Horeca waarbij wordt aangegeven dat handhaving ter hand zalworden genomen als objectief wordt vastgesteld dat het bezoek van niet-ingezetenen aan de Utrechtsecoffeeshops leidt tot overlast.
10. Er kan een gebied worden aangewezen waar voor maximaal 3 jaar, indien nodig te verlengen tot 5jaar, geen gebruik zal worden gemaakt van de bevoegdheid tot gedogen.
11. Er is een wachtlijst voor gegadigden voor vestiging van een coffeeshop.
12. Er is een tweede wachtlijst voor gegadigden voor vestiging van een coffeeshop buiten de woonwijken,op bedrijventerreinen langs doorgaande wegen.


 

Gemeente Utrecht januari 2017 Handhavingsstrategie Horeca Partiële wijziging onderdeel coffeeshops (verkoop softdrugs) en paragraaf Wet Bibob

gmb utrecht 2017 handhavingsmatrix coffeeshops


 alleen roos nieuw 1024x751

 

Schriftelijke vragen van de PvdA-fractie ingekomen op 08-09-2015 en beantwoord door het college op 13-10-2015

Schriftelijke vragen van mevrouw M.W. Haage (PvdA) over 'druk op coffeeshops', met in cursief de beantwoording.

Burgemeester Van Zanen heeft 28 augustus jl. coffeeshop Zanzi aan de Vleutenseweg definitief gesloten door de vergunning in te trekken. Er zou sprake zijn van een ‘onmiddellijk gevaar voor de openbare orde, veiligheid en gezondheid’. Eerder die maand vond er een inval plaats in de coffeeshop. Er zouden teveel drugs in het pand zijn aangetroffen. Door het sluiten van coffeeshop Zanzi zijn er in Utrecht nog maar negen coffeeshops terwijl er 17 vergunningsplekken voor coffeeshops in Utrecht zijn. Twee jaar geleden gaf de toenmalig burgemeester aan dat tien coffeeshops te weinig is voor een stad als Utrecht. Hij vreesde dat hierdoor de verkeersdruk en overlast rondom de overgebleven coffeeshops te groot zou worden, omdat het gebruik niet afneemt. Van bewoners in Lombok horen we dat de straathandel enorm is toegenomen. Niet alleen op de Vleutenseweg, maar ook in de woonstraten er omheen. Deze trend vindt de Partij van de Arbeid zeer zorgelijk, daarom hebben we de volgende vragen aan het college:

1. Coffeeshop Zanzi zou gesloten zijn omdat zij zich niet aan de maximale handelsvoorraad hebben gehouden. Zijn er nog andere redenen voor het intrekken van de vergunning?
-De inval van de politie vond plaats in het kader van een strafrechtelijk onderzoek in opdracht van het Openbaar Ministerie. De aanleiding voor dit onderzoek was bij de politie binnen gekomen informatie dat mogelijk een overval op coffeeshop Zanzi zou worden gepleegd, gericht op het roven van de handelsvoorraad softdrugs van Zanzi, die ook groter zou zijn dan wordt gedoogd. De vergunning is ingetrokken voor het overschrijden van de handelshoeveelheid en het gevaar dat hierdoor bestond voor de openbare orde, veiligheid en gezondheid.
2. Is het college bekend met eerdere uitspraken* van verschillende rechters die coffeeshopeigenaren in Purmerend en Utrecht geen straf oplegden vanwege het hebben van een grotere handelsvoorraad dan toegestaan?
-Ja.
3. Wanneer coffeeshops goed georganiseerd zijn (zich houden aan de AHOJG-criteria), is dit dan een reden om overtredingen van de maximale handelshoeveelheid anders te beoordelen dan bij shops waar wel overlast is, harddrugs worden aangetroffen of andere ernstige criminele activiteiten worden aangetroffen?
-Nee. Het is immers niet toegestaan in gelijke gevallen ongelijk te handelen.
4. Zijn er ondernemers die nog een aanvraag voor een vergunning voor een coffeeshop in Utrecht hebben lopen? Zo ja, wat zijn de belemmeringen voor hen om te beginnen?
-Op dit moment hebben wij vier aanvragen in behandeling voor het starten van een coffeeshop. Wij hebben één van deze aanvragen, voor een coffeeshop aan de Laan van Nieuw Guinea, gepubliceerd voor het inwinnen van zienswijzen. Daarnaast zijn wij voornemens medewerking te verlenen aan een initiatief aan de Vlampijpstraat. In onze brief van 22 september jl. kunt u lezen welke stappen wij zetten om belemmeringen weg te nemen.
5. Hoe staat het met de initiatieven om een 'drive-in'-shop buiten bewoond gebied of aan de rand van de stad te beginnen?
-Wij hebben in gesprek met de initiatiefnemer een viertal locaties geselecteerd waar een coffeeshop aan de rand van de stad mogelijk zou zijn. We hebben nader onderzoek gedaan in het kader van eventuele ruimtelijke mogelijkheden en belemmeringen van deze locaties.
6. Wat doet het college tegen de toegenomen overlast van straatdealers en het feit dat zij ook aan de jeugd drugs verkopen?
-Kort na de sluiting van coffeeshop Zanzi signaleerden de wijkagenten inderdaad meer straatverkopen in dit deel van de wijk Lombok. Daarop heeft de politie direct inzet gepleegd om deze straatverkopen tegen te gaan. Inmiddels geeft de politie aan dat zij geen of weinig straatverkoop meer signaleren in deze buurt.
7. Wat doet het college om toenemende druk en overlast bij de overgebleven negen coffeeshops in de stad te beperken?
-Wij hebben het beleid voor de vestiging van coffeeshops verruimd om de vestiging op bedrijventerreinen te stimuleren. Zoals hierboven genoemd, hebben wij de procedure gestart voor de vestiging van een coffeeshop aan de Laan van Nieuw Guinea 63 en zijn wij voornemens om een coffeeshop toe te staan aan de Vlampijpstraat. In de commissiebrief van 22 september kunt u een uitgebreide toelichting op deze maatregelen lezen.

* Het Parool (23-10-2014) 'Doorbraak: geen straf voor coffeeshophouder met 100 kilo wiet

* RTV Utrecht (23-12-2013) 'Geen straf voor bevoorraden coffeeshop met hennep


 

D66 Utrecht: Vergroot de handelsvoorraad van coffeeshops, 01-07-2017

"Tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota 2015 heeft de Utrechtse wethouder Victor Everhardt een motie van D66 overgenomen, waarin hij wordt opgeroepen de mogelijkhedn tot verhoging van de toegestane handelsvoorraad van coffeeshops mee te nemen in zijn gesprekken met de Minister van Veiligheid en Justitie over de regulering van cannabis."




Schriftelijke vragen VVD en CDA fracties over Wob-verzoek Telegraaf inzake de cannabis social club ingekomen op 27-03-2015 en beantwoord door het college op 26-05-2015

Gisterochtend hebben wij in de Telegraaf* kunnen lezen dat middels een Wob-verzoek informatie openbaar is geworden over de communicatie tussen de gemeente Utrecht en de social cannabis club. Het CDA en de VVD vinden (experimenten met) de regulering van cannabis onverstandig en onwenselijk. Beide fracties zijn van mening dat experimenten met de regulering van cannabis in strijd zijn met de wet en de internationale verdragen die Nederland gesloten heeft. Ook heeft het Openbaar Ministerie (OM) onlangs aangegeven handhavend** op te zullen treden mocht een vergelijkbaar initiatief in Amsterdam van de grond komen. Toch kiest het college er nog steeds voor om gemeenschapsgeld in dit kansloze project te stoppen. Hierover hebben wij de volgende vragen:
Uit de openbaar gemaakte mailwisseling tussen de gemeente en de club blijkt een verschil van inzicht over de haalbaarheid van beroep tegen het besluit van het Ministerie van VWS om geen experimenten toe te staan.

1. Kan het college toelichten waarom er in eerste instantie wel gemeenschapsgeld ter beschikking is gesteld voor het indienen van een aanvraag terwijl er blijkbaar twijfels bestonden over de haalbaarheid hiervan?
-De gemeente heeft gekozen voor een aanvraag voor ontheffing op de Opiumwet op grond van art 8 lid 1 van de Opiumwet. Daar staat de mogelijkheid van ontheffing op grond van het belang van de volksgezondheid. Onder deze noemer zijn aanvragen ingediend, omdat de inschatting was dat dit haalbaar zou zijn. Tot teleurstelling van het college heeft het Ministerie gekozen voor een afwijzing op grond van de argumentatie dat er alleen ontheffing mogelijk is voor wetenschappelijk geneeskundig of geneesmiddelenonderzoek. Dat is een bijzondere strikte interpretatie van de Opiumwet. Op grond hiervan zou er ook geen ontheffingen mogelijk zijn voor wetenschappelijk onderzoek naar recreatief cannabisgebruik, de samenstelling van of het THC percentage in cannabis of een ontheffing ten behoeve van preventie waarbij cannabis en andere drugs worden gebruikt in de voorlichting (via zogeheten monsterkoffers). Of hiervoor ontheffingen zijn verleend is niet bekend. Het Ministerie van VWS geeft geen inzage in aanvragen over ontheffing en hun reactie daarop. De argumentatie daarvoor is dat de aanvragen bedrijfsgevoelige informatie bevatten. Het is aannemelijk dat er aanvragen zijn voor activiteiten zoals hierboven aangeduid zijn, gezien de strafbaarheid van bezit, vervoer, opslag en dergelijke van cannabis en harddrugs. De uitkomsten van een verzoek tot ontheffing zijn altijd ongewis. Er zijn kortom geen garanties over de haalbaarheid.

Kan het college de aanvraag van de club en het besluit van het Ministerie van VWS met de antwoorden op deze vragen aan de raad zenden, met daarbij een toelichting op basis van welke overwegingen besloten is af te zien om middelen voor het inhuren van een 'topadvocaat' ter beschikking te stellen? Zo nee, waarom niet?
-Het gaat in dit geval om zogeheten derden informatie van respectievelijk het Ministerie van VWS en de besturen van de Cannabis Social Clubs. Informatie van derden kan de gemeenten niet ter beschikking stellen zonder toestemming van deze derden. Voor het standpunt van het ministerie over inzage in WOB-aanvragen, zie het antwoord op vraag 1. De zinsnede over de topadvocaat was een hartekreet van één bestuurslid van een CSC over het gewenste niveau van juridische ondersteuning bij een rechtelijke procedure. In goed overleg met en met instemming van de besturen van beide clubs is besloten geen gang naar de bestuursrechter te maken. De bestuursrechter zal marginaal toetsen op de juistheid van de gevolgde procedure en niet op de wezenlijke inhoudelijke vraag of en onder welke condities een ontheffing verleend kan worden vanwege het belang van de volksgezondheid. Dat heeft geleid tot de keuze om te zoeken naar andere mogelijkheden om ruimte te vinden voor experimenten gericht op een alternatief, effectief cannabisbeleid dat de volksgezondheid dient. Zodra er op dit punt duidelijkheid is zal het college u u hierover per brief informeren. Met het hierboven genoemde besluit om geen gang naar de bestuursrechter te maken was een besluit over juridische ondersteuning bij een procesgang -en het niveau daarvan-, niet aan de orde.

2. Welke afspraken zijn er gemaakt over de financiële ondersteuning van de social cannabis club? Op welke wijze wordt er verantwoording afgelegd over de geleverde ondersteuning en zijn hier concrete criteria aan verbonden?
-De Cannabis Social Clubs hebben voor hun aanvragen juridische ondersteuning gekregen. Daarnaast is er ambtelijke inzet gepleegd. De verantwoording van kosten van juridische ondersteuning wordt gedaan door gemotiveerde facturen over de inzet van tijd en daarbinnen geleverde ondersteuningsdiensten.
3. Zijn er afspraken gemaakt over toekomstige ondersteuning van de club nu blijkt dat er geen enkele grondslag is waarop experimenten mogelijk zijn? Zo ja, welke afspraken? -De afspraken over ondersteuning van de CSC betrof juridische ondersteuning bij het indienen van een aanvraag en vergoeding van onkosten bij een aanvraag (bijvoorbeeld leges). Bij het beëindigen van dit traject zijn ook de kosten vanwege juridische ondersteuning van de CSC gestopt. Het college deelt uw opvatting niet dat ruimte voor cannabisexperimenten onwenselijk, onmogelijk en onhaalbaar zijn. Deze opvatting van het college wordt gedeeld door een meerderheid van uw raad, 53 andere gemeenten die het Manifest Joint Regulation ondertekend hebben en een meerderheid van de Nederlandse bevolking.
4. Hoe loopt het overleg hierover? Welke partijen zijn aangesloten? Waarom wordt de raad daar niet actiever over geïnformeerd?
-Er is overleg van de besturen van de cannabisclubs met de gemeente. Daar zijn geen andere partijen bij aangesloten. Via commissiebrieven en mededelingen houdt het de raad op de hoogte van conclusies. Het afgelopen jaar stond in het teken van aanvraagprocedures. Daarover kan de raad niet actief geïnformeerd worden vanwege het vertrouwelijke karakter van dit soort trajecten (zie 2).
5. Heeft het college ooit onderzoek gedaan naar de motieven van de initiatiefnemers van de club? Zo nee, waarom niet en is het college bereid om nadere informatie in te winnen via een BIBOB-screening? Zo ja, wat was het oordeel van het college?
-De motieven van de initiatiefnemers zijn inhoudelijk van aard. Men herkent zich in de uitgangspunten van een Cannabis Social Club: op non profit basis in een gesloten circuit wiet telen voor recreatief gebruik door clubleden. Op grond van het Bibob beleid en mogelijkheden kan een bibobonderzoek worden ingezet bij een concrete aanvraag gericht op uitvoering. Op dit moment ligt nog geen concrete aanvraag voor.
6. Hoe duidt het college het standpunt van het OM dat een vergelijkbaar experiment in Amsterdam ‘strafbaar’ is en ‘niet onder het huidige coffeeshopbeleid’ onder te brengen is?
-Waar het in de reactie van het OM Amsterdam om gaat is de vraag of een CSC zonder meer onder het gedoogbeleid van huidige coffeeshops is onder te brengen. De vraag naar strafbaarheid is minder relevant. Immers, er is per definitie sprake van gedoogbeleid, ofwel het onder voorwaarden afzien van strafrechtelijke vervolging van in principe strafbare feiten. De conclusie dat teelt voor een CSC niet past binnen het gedoogbeleid voor coffeeshops baseert het OM Amsterdam op de Aanwijzing Opiumwet. Daarin staan richtlijnen voor vervolging bij het aantreffen van teelt. Daarbij tekent het OM Amsterdam aan dat hun conclusie niet leidt tot een wijziging van het vervolgingsbeleid. Er zal geen sprake zijn van het vervolgen van bestuursleden van een CSC. Net als voorheen blijven de inspanningen gericht op het opsporen en indien aangewezen ontmantelen van kwekerijen.
7. Welke consequenties heeft deze duiding voor het Utrechtse initiatief?
-Het standpunt onder vraag 6 brengt de noodzaak mee om in goed overleg met het OM te komen tot afspraken over teelt ten behoeve van een CSC. Naar analogie met Spanje en België zou gekeken kunnen worden onder welke voorwaarden afgezien kan worden van vervolging. Deze afspraken zouden in lijn zijn met een door de Minister onderschreven juridische analyse van internationale drugsverdragen door Radboud UMC. Deze analyse leidt in het geval van CSC tot de conclusie dat internationale drugsverdragen ruimte bieden om van strafrechtelijke vervolging af te zien. Dat biedt ons inziens aanknopingspunten om met het OM en de Minister serieus van gedachten te wisselen hoe deze voorwaarden zouden moeten luiden.
8. Is het college bereid advies in te winnen bij het OM over de haalbaarheid van een Utrechts experiment en daarbij te vragen of het OM over zal gaan tot handhaving? Zo nee, waarom niet?
-Ja
9. Hoeveel gemeenschapsgeld is er tot op heden aan ondersteuning verleend aan de club en de initiatiefnemers? Hoeveel gemeenschapsgeld is het college nog bereid in deze bodemloze put te storten?
-Er is budget ter beschikking gesteld voor het dekken van onvermijdelijke onkosten bij de oprichting van een vereniging (notariskosten en inschrijving KvK), juridische ondersteuning bij het aanvragen van een ontheffing Opiumwet en leges. Er is geen sprake van materiële ondersteuning van de clubs, hun besturen of van individuele bestuursleden. Uit de cijfers is af te lezen dat de realisatie 2014 voor ondersteuning onder het begrote bedrag zijn gebleven als aangegeven, (on)kosten CSC ivm aanvragen ontheffing Opiumwet (€) 2013 8.332 & 2014 14.001 > Totaal 22.333
10. Is het college bereid de financiële ondersteuning van de club te stoppen? Zo nee, waarom niet?
-Er is geen sprake van financiële ondersteuning van de Cannabis Social Clubs of hun bestuursleden, met uitzondering van (juridische) ondersteuning bij het aanvragen van een ontheffing Opiumwet. Dit traject is inmiddels afgerond. In de openbaar gemaakte stukken is te lezen dat een van de initiatiefnemer van mening is dat de club zich minder als ‘bejaarde, lethargische zombieslaven van de wethouder’ zou moeten opstellen. Daarnaast blijkt dat medewerkers van de gemeenten de eerdere berichtgeving in de Telegraaf kwalificeren als ‘erg tendentieus’.
11. Herkent het college zich in het beeld dat de leden van de club achter de wethouder aanlopen als ‘bejaarde, lethargische zombieslaven’? Zo nee, waarom niet? Zo ja, vindt de wethouder dat niet beangstigend?
-Nee. De Telegraaf verwijst naar een emotionele e-mail van één bestuurslid van één Cannabis Social Club. Dit beeld wordt niet gedeeld door andere initiatiefnemers en de besturen van beide Cannabis Social Clubs.
12. Is het college van mening dat ambtenaren zich terughoudend moeten opstellen als het gaat om de kwalificatie van de toon van berichtgeving in de media? Zo nee, waarom niet?
-Ja, zeker waar het gaat om in het openbaar geuite opvattingen. Daarvan was hier geen sprake. De aangehaalde uitspraak betrof een persoonlijke opvatting van een ambtenaar in een traject van interne meningsvorming. Uit recent onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatie Centrum (WODC) blijkt dat tussen de 78% en 91% van de productie van cannabis bestemd is voor de export. In een initiatiefwetsvoorstel van D66-kamerlid Magda Berndsen wordt beweerd dat met de regulering van cannabis een aanzienlijke besparing kan worden gerealiseerd op de handhavingskosten voor politie en justitie die op kan lopen tot 200 miljoen euro. Dit zou voor de stad Utrecht neerkomen op een besparing in de orde van grote van 4 miljoen euro.
13. Heeft het college signalen die de uitkomsten van het WODC-onderzoek over de export van cannabis in twijfel trekken? Zo ja, welke zijn dit?
14. Heeft het college signalen dat de cannabisteelt in Utrecht enkel bedoeld is voor lokaal gebruik? Zo ja, welke zijn dit?
15. Is het college van mening dat regulering van cannabis een verwaarloosbaar effect zal hebben op de inzet en handhaving van niet-gereguleerde cannabisteelt in Utrecht? Zo nee, waarom niet?
-Antwoord op de vragen 13, 14 en 15. Het rapport van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie Centrum betreft een schatting van de omvang van de landelijke teelt van cannabis bestemd voor de export. Het resultaat is met grote onzekerheid omgeven en luidt dat de teelt voor de export kan variëren tussen de 31 – 96% van de totale produktie. De onderzoekers blijken overigens teleurgesteld over de wijze waarop de Minister hun resultaten presenteert. De conclusie zou moeten luiden: we weten het niet. (voor het volledige artikel: zie het NRC Handelsblad van 11 april 2015: Minister verdraaide feiten over wietteelt.). Het door u aangehaalde onderzoek betreft een landelijke schatting. Uit het rapport zijn geen lokale of regionale indicaties voor Utrecht af te leiden. Wij hebben geen inzicht in de bestemming van de cannabisteelt in Utrecht en/of signalen of aanduidingen van de hoeveelheid teelt voor de export. Om deze reden kunnen wij dan ook geen uitspraken doen over te besparen handhavingskosten voor politie en justitie in Utrecht.
16. Is het college van mening dat experimenten met de regulering van cannabis ook consequenties hebben voor de omliggende gemeenten? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kan het college aangeven op welke wijze de buurgemeenten betrokken worden bij de afweging om financiële steun te geven aan het initiatief?
-Nee, Net zoals in het coffeeshopbeleid maakt elke gemeente daarin zijn eigen keuzes.
17. Zijn er uit de wetenschappelijke wereld al initiatieven of budgetten bekend voor het begeleiden van een experiment met een social cannabis club?
-Niet, voor zover wij weten. Een meerderheid in de Tweede Kamer heeft zich bij meerdere gelegenheden uitgesproken tegenstander*** te zijn van experimenten met de regulering van cannabis.
18. Deelt het college de conclusie dat er in de Tweede Kamer geen draagvlak is voor experimenten met de regulering van cannabis? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke conclusies verbindt het college hieraan?
-Cannabisexperimenten zijn al enige jaren onderwerp van debat. De Tweede Kamer heeft tot dusver in meerderheid de Minister gesteund om niet in te gaan op de oproep van een grote groep Manifestgemeenten voor ruimte voor experimenten, en draagvlak voor een ander cannabisbeleid bij de meerderheid van de Nederlandse bevolking.
19. Is het college van mening dat de gemeente Utrecht haar aandacht beter kan richten op het verkleinen van de overlast van bestaande coffeeshops dan het (financieel) ondersteunen van deze club? Zo nee, waarom niet?
-De gemeente richt zich zowel op het voorkomen en verminderen van overlast rond coffeeshops als het bepleiten van ruimte en gelegenheid van CSC. De noodzaak van een keuze tussen beide ziet het college niet.

*Telegraaf 26-03-2015 Gemeente Utrecht krijgt stank voor dankGemeente Utrecht krijgt stank voor dank

** Openbaar Ministerie 17-02-2015 Initiatief Social Cannabis Club volgens OM strafbaarInitiatief Social Cannabis Club volgens OM strafbaar

*** Nu.nl 26-11-2013 Kamer blokkeert optie reguleren wietteelt26-11-2013 Kamer blokkeert optie reguleren wietteelt 


 

Utrecht zet plannen wietclub door, ondanks nieuw 'nee', AD, 17-12-2014. 

"Ondanks de afwijzing van een aanvraag van een opiumontheffing door het ministerie ziet wethouder Everhardt nieuwe mogelijkheden om de Utrechtse wens te verwezenlijken. Beter gezegd: een of twee wietclubs onder strenge voorwaarden te gedogen."


 

Schriftelijke vragen van de CDA fractie ingekomen op 14-05=2014 en beantwoording door het college op 15-07-2014 inzake 'Nieuw college, nieuwe cannabisclub'?


Het college heeft de gemeenteraad op 13-11- 2013 geïnformeerd over de voortgang van de experimenten met cannabis uit het vorige coalitieakkoord. In de commissiebespreking van die brief is onder andere gesproken over de gemeentelijke inzet en de verwachte ontwikkelingen. De fractie van het CDA is blij dat het college de experimenten overliet aan derden en aangaf dat toestemming van de Rijksoverheid voorlopig niet aan de orde leek te zijn. Desalniettemin blijft het CDA zich op het punt stellen dat ondersteuning van wietclubs met gemeentelijke middelen en uren te principale verkeerd en tenminste geen kerntaak van de gemeente is. De ondersteuning van het – weinig kansrijke – initiatief van de Social Cannabis Club Domstad (SCCD) leek ons dan ook overduidelijk verspilling van belastinggeld. Vanochtend - 14 mei – lazen wij in de Telegraaf dat er in onze gemeente een nieuwe wietclub is opgericht, de Stichting Social Cannabis Club, gevestigd in Overvecht, die met het college ‘samen zou optrekken’. Na de SCCD en de Social Cannabis Club Utrecht zou dit de derde stichting van eenzelfde soort zijn. Dat brengt de CDA-fractie tot de volgende vragen:

1. Bent u bekend met het bericht in de Telegraaf?
-Ja
2. Klopt het bericht in de Telegraaf? Zo nee, waarom niet?
-Er is gesproken met een aantal geïnteresseerden die overwogen een cannabis club op te richten. De gemeente was niet op de hoogte dat deze personen ook daadwerkelijk tot oprichting waren overgegaan.
3. Biedt het college ondersteuning aan deze wietclub? Zo ja, kunt u specificeren hoeveel ambtelijke uren en hoeveel bijdrage in euro’s of natura?
-Er is, op verzoek van de initiatiefnemers, sprake geweest van ambtelijk overleg. Daarmee is in totaal vijf uur gemoeid geweest. Er zijn geen bijdragen geleverd in euro’s of natura.
4. Zijn er meer wietclubs in Utrecht die door het college ondersteund worden? Zo ja, kunt u specificeren hoeveel ambtelijke uren en hoeveel bijdrage in euro’s of natura?
-Nee, niet naast deze drie cannabis social clubs
5. Vindt het college het ondersteunen van verschillende wietclubs die allemaal vast zullen lopen op dezelfde weigering van vergunningen op grond van de Opiumwet een verstandige besteding van belastinggeld? Zo ja, waarom?
-Het college ondersteunt twee cannabis social clubs die initiatieven ontplooien waarvoor een meerderheid van de gemeentraad gelegenheid biedt. Voor de aard en inhoud van de ondersteuning, zie de antwoorden op SV 2013 165 van december 2013.
6. Kan het college de raad informeren over de voortgang van de aanvraag om ontheffing van de Opiumwet door de Social Cannabis Club Domstad? Zo ja, hoe is die voortgang? Zo nee, waarom niet?
-In de commissie Mens en Samenleving van 13 mei 2014 heeft wethouder Everhardt medegedeeld dat beide groepen hebben gemeld dat hun aanvragen voor ontheffing op het Opiumverbod zijn afgewezen door het Rijk, dus ook de aanvraag van de Social Cannabis Domstad.
Meer in algemene zin vraagt de CDA-fractie zich af hoe het nieuwe college tegen deze wietexperimenten en gemeentelijke bijdragen daaraan aankijkt.
7. Is het college voornemens om ook in de nieuwe periode geld en menskracht in te blijven zetten om deze initiatieven te ondersteunen? Zo ja, hoeveel middelen begroot u daarvoor? Zo nee, hoera!
-Het college blijft ook in de nieuwe periode inzetten op experimenten cannabisbeleid. Daarbij is de inzet onveranderd dezelfde als de afgelopen periode. Via commissiebrieven en mededelingen zijn de commissie en raad daarover geïnformeerd. Naast deze kosten is er financiële ondersteuning van de Utrechtse experimenten in de zin van de antwoorden op de SV 2013 165. Inmiddels hebben 54 gemeenten het manifest Joint Regulation ondergeschreven. Op dit moment worden de activiteiten voor dit jaar gepland. Voorzien wordt een bestuurlijke werkgroep namens de 54 gemeenten, ondersteund door een projectleider, en de organisatie van een symposium over veiligheid en cannabisregulering. Dit symposium ligt in het verlengde van een rapport van de stichting Veiligheid en Maatschappij over alternatieven voor het drugsbeleid. Recent zijn de geplande activiteiten begroot. Het gaat daarbij naast de inzet van ambtelijke capaciteit om de onderstaande bedragen. Dekking is er deels via de begroting van de gemeente Utrecht (Volksgezondheid en Veiligheid), deels via middelen van samenwerkingspartners. De data bevat de uitgaven van de gemeente Utrecht Uitgaven 2014 Nog verwacht Juridische ondersteuning voor Cannabisclub Utrecht 11.000 Projectleider regulering cannabisteelt (in verlengde Manifest Joint Regulation) 6.500 Bijdrage medische experiment 5.000 Bijeenkomst 31-01-2014 regulering hennepteelt 7.332 Symposium najaar veiligheidsbeleid en cannabisregulering 2.500 Overig / onvoorzien 5.000 Totaal 18.332 - 23.000
8. Als het college voornemens is de huidige koers (gewijzigd) door te zetten, is het college dan bereid om de raad te informeren over de wijze waarop de gemeentelijke inzet vormgegeven zal worden, met welke middelen en met welke partners?
-Ja Met betrekking tot de afhandelingstermijn van deze schriftelijke vragen: Om te komen tot antwoorden die voor u zo goed mogelijk zicht bieden op de inzet en activiteiten van de gemeente, inclusief de verhouding van deze inzet en activiteiten tot de uitkomsten van de landelijke politieke discussie over juridische kaders voor regulering van de cannabisteelt, heeft het college willen wachten op de uitkomsten van een kamerdebat over het coffeeshopbeleid in de Tweede Kamer. Beoogd was een kamerdebat op 1 juli 2014, ofwel voor het zomerreces. Dit kamerdebat is echter uitgesteld tot na de zomer. Wij hebben besloten u nog voor het reces de antwoorden naar de stand van nu te doen toekomen.


 

International Cannabis News November 2013

"In Nederland mogen coffeeshops wel wiet en hasj verkopen maar is de aanvoer nog steeds illegaal. Als het aan minister Opstelten ligt blijft dat zo en biedt hij geen ruimte om daar verandering in te brengen. Toch zijn er 18 gemeenten, van Groningen tot Venlo, die het wel willen regelen. Zij hebben hun plannen opgestuurd naar de minister. Een van de gemeenten is Utrecht. Daar wil wethouder Victor Everhardt consumenten de mogelijkheid bieden hun eigen wiet te telen. Een kleinschalig experiment om de impasse te doorbreken.

Everhardt heeft in het verleden bij het trimbos instituut gewerkt en heeft mede daardoor een duidelijke mening."


 

Volkskrant 11-09-2013 Ministerie levert medicinale wiet voor Utrechtse proef 

"Het Bureau Medicinale Cannabis van het ministerie van Volksgezondheid gaat wiet leveren voor een Utrechts experiment met hasjverstrekking aan mensen met psychiatrische problemen. Het gaat om een cannabisvariant die angsten, psychotische aanvallen en slapeloosheid dempt in plaats van uitlokt, zoals sommige andere wietsoorten doen.

Het 'behandelexperiment' is een van de twee initiatieven die de gemeente ondersteunt om het gebruik van wiet uit de criminele sfeer te halen. Het andere experiment is de oprichting van de Social Cannabis Club Domstad (SCCD), een wietclub waarin 100 volwassenen cannabis telen voor eigen gebruik".


 

Metro 01-11-2012 Utrecht: Toerist welkom in coffeeshop

"De gemeente Utrecht wil dat toeristen volgend jaar nog gewoon wiet kunnen kopen in de coffeeshops. Een woordvoerder van de gemeente laat weten gerust gestemd te zijn dat het regeerakkoord ruimte biedt voor lokaal maatwerk.

De gemeente wil nu meer duidelijkheid van het ministerie van Veiligheid en Justitie over de afschaffing van de wietpas. Utrecht wil vooral weten wat het 'lokale maatwerk' precies inhoudt. Het ingezetenencriterium ziet de gemeente het liefst verdwijnen."


 

Gemeenteblad Utrecht 2011 Nr. 55 Handhavingstrategie Horeca (collegebesluit 30-08-2011)

Handhavingsstrategie Horeca 30 08 2011 utrecht


 

VOC 10-03-2011 Utrecht wil gedoogde wietkwekerij met lidmaatschap

cannabis_social_clubs_logo

"Op Radio 1 sprak Everhard over het Cannabis Social Club-model, dat de inspiratie voor dit plan is geweest. Utrecht wil een wetenschappelijk experiment starten om dit systeem te testen. NOS-redacteur Merlijn Stoffels vat het plan als volgt samen: “Elk lid heeft recht op vijf wietplantjes. Dat is gelijk aan het aantal plantjes dat door het openbaar ministerie wordt toegestaan voor de thuisproductie. De plantjes komen in een gedoogde kwekerij terecht. Hoe meer leden, hoe groter de kwekerij zal worden. De leden kunnen vervolgens die wiet kant en klaar ophalen in de coffeeshop.” "


 

NOS 10-03-2011 Utrecht wil gedoogde wietkwekerij

"Minister van Justitie en Veiligheid Opstelten heeft al laten weten dat hij tegen het plan is. "Dit gaat niet gebeuren. Ik neem aan dat de gemeente Utrecht contact zal zoeken met mij over deze plannen. Dan weten ze vast mijn antwoord. We gaan op geen enkele manier de teelt legaliseren en op geen enkele manier afwijken van de lijn die is ingezet. Ook niet met experimenten."

De gemeente Utrecht noemt de reactie van minister Opstelten voorbarig en denkt dat het plan wel degelijk uitgevoerd kan worden. De gemeente gaat met de minister in gesprek."


 

Utrecht wil experiment bij achterdeur coffeeshops, ChristenUnie kamerlid Ed Anker stelt vragen in Tweede kamer, 23-04-2010 

Vragen van het lid Anker (ChristenUnie) aan de Minister van Justitie over de legalisering van de bevoorrading van softdrugs in Utrecht.

"1. Bent u bekend met het voorgenomen coalitieakkoord in Utrecht waarin de partijen een legale bevoorrading van coffeeshops met een experiment willen opstarten?

2. Past dit experiment binnen de landelijke en Europese wetgeving en de door Nederland gesloten verdragen over de handel in softdrugs? Zo nee, kan de minister aangeven op welke gronden dit experiment niet passend is?

3. Kan de minister aangeven welke gemeenten nog meer van plan zijn om aan bevoorrading van coffeeshops mee te werken door deze plaatselijk te reguleren? En loopt dit niet vooruit op de hoofdlijnenbrief die controversieel is verklaard?

4. Kan de minister aangeven hoe hij het voorgestelde experiment van de Gemeente Utrecht beoordeeld in het licht van het arrest Terneuzen?

5. Hoe beoordeelt de minister de stelling van de coalitie in Utrecht dat het voorgenomen experiment met de bevoorrading van coffeeshops een positief effect heeft op criminalisering en overlast?

6. Is de minister bereid om hier op te treden en de Nederlandse wetgeving en de internationale afspraken te handhaven?"


 

RTV Utrecht 09-12-2009 CDA wil einde aan coffeeshops in Utrecht.

"Het CDA in Utrecht wil af van coffeeshops in Utrecht. Dat zou een einde betekenen van coffeeshop 't Grasje en van het radioprogramma van de eigenaar. Reportage van Maarten Fussel."


 

Trouw 03-03-1994 Inspanningen van de Graspartij niet genoeg voor zetel

"De ketchup spatte in het rond tijdens een verkiezingsstunt van de Graspartij bij het Utrechtse stadhuis. Leden van de partij demonstreerden “een dodelijke dosis stuff” door een brok op de kop van een pop te gooien. Als voorstanders van de legalisering van drugs ergeren zij zich aan wetenschappelijk onderzoek dat hasj gevaarlijk verklaart."